Doppler-effect: een bron nadert een luisteraar
1 · Voorspel
Een geluidsbron beweegt naar een stilstaande luisteraar terwijl hij een constante toon uitzendt. Hoort de luisteraar een hogere, lagere of dezelfde toonhoogte als de echte frequentie van de bron?
- De luisteraar hoort een hogere toonhoogte dan de echte frequentie van de bron.
- De luisteraar hoort exact dezelfde toonhoogte.
- De luisteraar hoort een lagere toonhoogte.
2 · Opstelling
- Open de voorinstelling doppler-approach en druk op Herstel. De bron zendt 440 Hz uit in lucht van 20°C; de luisteraar staat stil.
- Zet de aflezing van de waargenomen frequentie bij de waarnemer aan.
- Stel voor elke meting de naderingssnelheid van de bron in en noteer de waargenomen frequentie.
3 · Verzamel gegevens
| Bronfrequentie f (Hz) | Bronsnelheid v_s (m/s) | Waargenomen frequentie f′ (Hz) |
|---|---|---|
| 440.00 | 20.00 | |
| 440.00 | 35.00 | |
| 440.00 | 50.00 |
Zet voor je drie metingen de waargenomen frequentie f′ (y-as) uit tegen de bronsnelheid v_s (x-as).
4 · Analyseer
- Reken voor één meting f′ = f·c/(c − v_s) uit met c = 331.3·√(1 + 20/273.15) m/s voor lucht van 20°C. Vergelijk met de tabel.
- Leg uit waarom f′ blijft toenemen naarmate v_s groeit en wat er met de formule (en met het geluid) gebeurt als v_s ooit de geluidssnelheid c bereikt.
5 · Verdiep
- Een ambulancesirene klinkt hoger als hij nadert en zakt plotseling in toonhoogte als hij passeert en zich verwijdert. Gebruik de tekenconventie van de Doppler-formule om die daling te verklaren.
- Dit experiment behandelt alleen een naderende bron. Als de bron zich in plaats daarvan verwijderde, verwacht je dan dat (c − v_s) in de noemer (c + v_s) wordt? Leg uit wat dat met f′ doet.
De natuurkunde achter dit experiment
Doppler-effect (bewegende bron)
Een bron die naar een stilstaande luisteraar beweegt perst de golffronten vóór zich samen, waardoor de frequentie die de luisteraar hoort stijgt: f′ = f·c/(c − v_s).
Golven en geluid
- Lopende golven op een snaar: snelheid, frequentie en golflengte
- Zwevingen: twee nabije frequenties die interfereren
- Staande golven: boventonen op een vastgemaakte snaar
- Geluidsintensiteit en de omgekeerde-kwadratenwet
- De decibelschaal: een enorm intensiteitsbereik samengeperst
- Klankkleur: boventoonopbouw van een samengestelde toon
- Resonantie van een open pijp: de lengte bepaalt de toonhoogte