Weerstanden in serie: weerstanden tellen op

1 · Voorspel

Twee weerstanden staan in serie (de ene na de andere) over een batterij van 12 V. Als je de waarde van de tweede weerstand verhoogt, vloeit er dan nog steeds dezelfde stroom door beide?

2 · Opstelling

  1. Open de voorinstelling series-resistors en druk op Herstel. R1 = 100 Ω is vast; de batterij levert 12 V.
  2. Zet de stroomaflezing op beide weerstanden aan.
  3. Stel voor elke meting de waarde van R2 in en noteer de (enige, gedeelde) schakelstroom.

3 · Verzamel gegevens

Weerstand R2 (Ω)Totale weerstand R_total (Ω)Stroom I (A)
100.00
200.00
300.00

Zet voor je drie metingen de stroom I (y-as) uit tegen de totale weerstand R_total (x-as).

4 · Analyseer

  1. Reken voor één meting R_total = R1 + R2 uit en daarna I = E/R_total met E = 12 V, R1 = 100 Ω. Vergelijk met de tabel.
  2. Controleer in de simulatie dat de stroomaflezing bij R1 en bij R2 identiek is. Leg uit waarom componenten in serie exact één stroom moeten delen (de lading kan nergens anders heen).

5 · Verdiep

  1. Omdat beide weerstanden dezelfde stroom delen, krijgt de grotere weerstand het grootste deel van de 12 V. Leg uit waarom V = IR betekent dat de spanning zich in een serieschakeling evenredig met de weerstand verdeelt.
  2. Ouderwetse kerstverlichting was in serie geschakeld: als één lamp doorbrandde, ging de hele ketting uit. Leg uit waarom, met wat je weet over stroom in serie.

De natuurkunde achter dit experiment

Serieweerstand

Weerstanden in serie tellen direct op: R_total = R1 + R2 + ... Omdat er maar één stroompad is, vloeit dezelfde stroom I = E/R_total door elk onderdeel.

← Terug naar experiment

Schakelingen

138 gratis printbare labwerkbladen voor natuurkunde